Zoek je alleen maar gezelschap, kies dan vooral geen border. Of je wordt allebei kierewiet.
De border, het toppunt van souplesse en beweeglijkheid, heeft hiermee zijn ding gevonden. Toestellen kunnen snel worden aangeleerd, en hij is zeer zelfstandig. Hij reageert snel op lichaamstaal waardoor hij van op afstand “stuurbaar” is. Hem niet kunnen volgen is op zich geen probleem. Hij zoekt echter vaak zijn beloning, bijvoorbeeld door het volgende (verkeerde) toestel te nemen. En slecht aangeleerde zaken kunnen moeilijk omgebogen worden. Je kameraad is soms zo enthousiast dat hij je hapt als het niet snel genoeg gaat. De oplossing is de hond vooruit sturen, een trek spelletje in het vooruitzicht stellen aan de finish en het commando “gedaan” of “stop” aan te leren. De border jut zichzelf enorm op, want als andere hondjes hun parcours afwerken, geeft hij van jetje aan de afsluiting. Dit blaffen is grotendeels afhankelijk van de begeleider: stoort hij zich daaraan of niet? Er wordt wel eens beweerd dat dit blaffen goed is, dat het extra gedreven maakt om eraan te beginnen.
|
Instructeur Rudy Vanmaele |
Instructeur Gerard Osselaer |
|
|